Twaalf procent ziekenhuizen worstelt met kritiek planbare zorg

De ziekenhuizen hebben hun aandacht begin september moeten verschuiven naar acute zorg. Dit ging ten koste van de minder acute zorg en kritiek planbare zorg. Twaalf procent van de ziekenhuizen kan niet alle kritiek planbare niet-coronazorg uitvoeren.

Dit is te lezen in het rapport ‘Analyse van de gevolgen van de coronacrisis voor de reguliere ziekenhuiszorg’ van de Nederlandse Zorgautoriteit. Het rapport is gebaseerd op de eerste cijfers uit het nieuwe Zorgbeeldportaal, waarin bijna alle ziekenhuizen de beschikbaarheid van reguliere zorg bijhouden. ‘De aangeleverde cijfers zijn onvolledig en nog niet gevalideerd met de zorgaanbieders’, benadrukt een woordvoerder van de NZa.

Urgent en acuut

De NZa onderscheidt verschillende niveau’s aan urgente zorg. De acute en semi-acute zorg is zorg waarbij een zeer hoog risico op gezondheidsschade dan wel verlies van levensjaren is als het langer dan een week wordt uitgesteld. Van de ziekenhuizen die haar cijfers in het Zorgbeeldportaal heeft gezet geeft 4 procent aan deze zorg maar deels te kunnen leveren.

Het tweede niveau is de kritiek planbare zorg. Dit is zorg met een ‘aanmerkelijk risico op permanente gezondheidsschade dan wel verlies van levensjaren’ als het langer dan zes weken wordt uitgesteld. Twaalf procent van de ziekenhuizen geeft aan deze zorg maar ten delen te kunnen leveren.

Tenslotte is er planbare zorg met ‘enig of geen risico op gezondheidsschade’ bij uitstel langer dan zes weken. 22 procent van de ziekenhuizen kan dit type zorg niet leveren, 71 procent van de ziekenhuizen kan deze zorg ten delen leveren.

Kwaliteit zorg

De kwaliteit van zorg op de IC’s en in de klinische settingen staat onder druk. Ziekenhuizen geven aan dat zij voor beide settingen bijzondere maatregelen hebben moeten treffen om de kwaliteit van de zorg te kunnen blijven garanderen. De zorgkwaliteit is niet in gevaar en het aanpassingsvermogen nog niet uitgeput.

Overschrijding Treeknormen

In oktober is het aantal wachttijden voor geselecteerde behandelingen dat de Treeknorm overschrijdt gestegen in vrijwel alle regio’s. Het aantal behandelingen waarvan de wachttijden de Treeknormen overschrijden was in juni op het niveau van begin van het jaar. Daarna liepen de Treeknorm-overschrijdingen van zowel poliklinische bezoeken als behandelingen weer op. In oktober is het aantal overschrijdingen weer iets gedaald. De wachttijd voor knie- en heupvervanging en staaroperaties is in veel regio’s gestegen ten opzichte van de wachttijd in juli en augustus en ligt in vrijwel alle regio’s boven de Treeknorm.

Regionale verschillen

In de ROAZ-regio’s Brabant, Noordwest en Midden Nederland liepen de behandelwachttijden harder op dan in andere regio’s. Regio Zwolle wist de behandelwachttijden op vrijwel alle behandelingen juist te verkorten.

Minder patiënten en verwijzingen

De verwijzingen van huisartsen naar het ziekenhuis heeft dit jaar een grillig beloop. Na de dip de eerste golf liep het aantal verwijzingen vanaf april weer iets op. In de zomer lag het op hetzelfde niveau als in 2019. Vanaf de tweede helft van september zakte het weer in. De laatste weken trekt het weer iets bij, maar het is nog niet op hetzelfde niveau als in 2019. Het aantal unieke patiënten in zorg blijft structureel achter en is nu 11 procent lager dan in 2019.

Door: Sterre ten Houte-de Lange, 30 november 2020
Bron: https://www.skipr.nl/

Deze website gebruikt cookies om de website te analyseren en te verbeteren. Klik hier voor meer informatie over cookies.